In Vastgoed & overheid

Omgevingsrecht: een zienswijze indienen of bezwaar maken? Let op de volledigheid van de gronden!

Door Thijs Zusterzeel, geplaatst op 4 oktober 2017 in Vastgoed & overheid

Regelmatig stelt de gemeenteraad van een gemeente een ontwerp bestemmingsplan vast dan wel wordt een bestemming met medewerking van het college van Burgemeester en Wethouders van de gemeente gewijzigd met behulp van een omgevingsvergunning. Voor een belanghebbende bestaat vervolgens de mogelijkheid om een zienswijze bij de gemeenteraad in te dienen tegen het ontwerp bestemmingsplan (ingevolge artikel 3.15 Algemene wet bestuursrecht; Awb) dan wel om bezwaar te maken tegen de verleende omgevingsvergunning (op grond van artikel 7:1 Awb). Het is echter zeer van belang dat de betreffende belanghebbende zorg draagt voor een volledige zienswijze of een volledig bezwaarschrift. Artikel 6:13 Awb luidt immers:

“Geen beroep bij de bestuursrechter kan worden ingesteld door een belanghebbende aan wie redelijkerwijs kan worden verweten dat hij geen zienswijzen als bedoeld in artikel 3:15 naar voren heeft gebracht, geen bezwaar heeft gemaakt of geen administratief beroep heeft ingesteld.”

Kortom, indien een belanghebbende vergeet om volledige zienswijzen in te dienen of vergeet om een volledig bezwaarschrift in te sturen, is de weg ten aanzien van een eventuele vervolgprocedure (de beroepsprocedure op grond van de Awb) afgesloten, althans in zo’n geval zal de beroepsrechter een niet-ontvankelijkheid uitspreken betreffende gronden die in een eerdere fase nimmer zijn aangevoerd. Uit de praktijk vloeit voort dat het nog steeds (erg) vaak voorkomt dat de beroepsrechter een dergelijke uitspraak moet doen. Ook op 30 augustus 2017 deed de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State in beroep weer een uitspraak waarbij een bepaalde belangrijke beroepgrond niet-ontvankelijk werd verklaard (ECLI:NL:RVS:2017:2345).

In deze beroepsprocedure had een belanghebbende aangevoerd dat ten aanzien van een bepaald perceel ten onrechte drie bouwvlakken waren opgenomen. De bouwwerken die er stonden waren inmiddels gesloopt en de verbeelding bij het bestemmingsplan moest in de optiek van de belanghebbende overeenkomen met de feitelijke situatie. Ook waren de bebouwingsmogelijkheden voor het betreffende perceel zonder enige motivering enorm uitgebreid, aldus de belanghebbende. De Afdeling overwoog echter (r.o. 16.1):

Deze beroepsgrond steunt niet op een bij de gemeenteraad naar voren gebrachte zienswijze. Ingevolge [……] artikel 6:13 van de Awb, kan door een belanghebbende geen beroep worden ingesteld tegen onderdelen van het besluit tot vaststelling van een bestemmingsplan waarover hij bij het ontwerpplan geen zienswijze naar voren heeft gebracht, tenzij hem redelijkerwijs niet kan worden verweten dit te hebben nagelaten. Deze omstandigheid doet zich niet voor. Het beroep is in zoverre niet-ontvankelijk.

Door in eerste aanleg (lees: tijdens de fase van het ontwerp bestemmingsplan) geen volledige zienswijzen bij de gemeenteraad in te dienen, kwam de betreffende belanghebbende in de beroepsprocedure bij de Afdeling dan ook bedrogen uit en zo’n ‘vergissing’ kan enorme (financiële) gevolgen hebben.

De omgevingsrechtspecialisten van Aben & Slag advocaten kunnen u vanzelfsprekend terzijde staan bij het zorgvuldig opstellen van een zienswijze, een bezwaarschrift en/of een beroepschrift. Op die wijze bent u verzekerd van het indienen van volledige processtukken en komt u in een latere fase van de procedure zeker niet voor verrassingen te staan. Aben & Slag advocaten: “Betrokken, helder en krachtig”!

Voor vragen over dit artikel kunt u contact opnemen met mr. ing. M.Th.M. (Thijs) Zusterzeel (0495 – 536 138 / tzusterzeel@abenslag.nl).

Thijs Zusterzeel

Thijs Zusterzeel

Thijs Zusterzeel is al sinds februari 1999 werkzaam in de rechtspraktijk; tot augustus 2009 bij verschillende gemeentelijke overheidsorganisaties en aansluitend als advocaat bij Aben & Slag advocaten.