Hoge Raad over ruime werkingssfeer van verplichtstelling bij bedrijfstakpensioenfondsen

In een recente uitspraak heeft de Hoge Raad bevestigd dat een werkgever verplicht kan worden deel te nemen aan een bedrijfstakpensioenfonds, ook als die werkgever niet onder een cao valt of geen lid kan zijn van een werkgeversorganisatie. In dit blog bespreken we de feiten, de juridische beoordeling en de gevolgen van deze uitspraak. 

Feiten en procesverloop

Pensioenfonds Zorg en Welzijn (PFZW) is het bedrijfstakpensioenfonds voor de sector Zorg en Welzijn. Deelname aan PFZW is verplicht op grond van de Wet verplichte deelneming in een bedrijfstakpensioenfonds 2000 en het daarop gebaseerde verplichtstellingsbesluit. Daarin werd onder ‘werkgever in de zorg’ onder meer verstaan: “de rechtspersoon die zorg of hulp verleent (…) in een of meer van de volgende vormen: (…) 8. uitleen van verpleegartikelen.”

Medux B.V. (Medux) houdt zich via haar dochterondernemingen bezig met de verkoop, uitleen, service en onderhoud van hulpmiddelen die mensen in staat stellen zelfstandig te leven, zoals rolstoelen, scootmobielen en hoog/laagbedden. Haar afnemers zijn onder meer gemeenten, zorgverzekeraars en zorginstellingen. Tot 2013 maakten deze uitleenactiviteiten onderdeel uit van de thuiszorg in het kader van de Algemene wet bijzondere ziektekosten, maar sinds de overheveling van deze taken naar de Zorgverzekeringswet worden zij ook door commerciële partijen verricht.

In juli 2018 deelde PFZW Medux mede dat zij onder de verplichtstelling viel, omdat een van haar hoofdactiviteiten de uitleen van verpleegartikelen betrof. Medux bestreed dit en stelde dat haar producten geen verpleegartikelen zijn maar hulpmiddelen ter bevordering van de zelfredzaamheid. In 2021 is het verplichtstellingsbesluit gewijzigd, waarbij de verplichtstelling voor de activiteit ‘uitleen van verpleegartikelen’ is vervallen. 

Medux heeft een verklaring voor recht gevorderd dat zij in de periode van 1 juni 2014 tot 1 januari 2021 niet onder de werkingssfeer van PFZW viel. Medux stelde dat zij geen zorginstelling is, niet onder de cao-VVT valt en geen lid kan worden van een werkgeversorganisatie in de zorg, en meende daarom niet verplicht te zijn deel te nemen aan het bedrijfstakpensioenfonds. PFZW voerde daartegen aan dat het niet gaat om hoe Medux zichzelf ziet, maar om haar feitelijke activiteiten. Het uitlenen van hulpmiddelen is een zorgactiviteit en valt onder de werkingssfeer van het verplichtstellingsbesluit, waardoor Medux volgens PFZW in de periode 2014–2021 wel onder de verplichtingstelling viel. 

Zowel de kantonrechter als het gerechtshof wezen de vordering van Medux af, waarna Medux in cassatie ging bij de Hoge Raad.

Oordeel van de Hoge Raad

Ook het cassatieberoep van Medux is echter verworpen. De Hoge Raad bevestigt in deze uitspraak dat de werkingssfeer van een verplichtstellingsbesluit ruimer kan zijn dan die van een cao. Het gaat niet om de vraag of een werkgever formeel binnen een cao valt, maar om de feitelijke activiteiten van het bedrijf. Wanneer die activiteiten binnen de omschrijving van het verplichtstellingsbesluit passen, kan deelname aan het bedrijfstakpensioenfonds verplicht zijn, zelfs als de werkgever niet onder een cao valt.

Daarnaast is het niet relevant of een werkgever lid is van, of kan worden toegelaten tot, een werkgeversorganisatie die betrokken was bij de totstandkoming van het besluit. De representativiteit van de sociale partners wordt op sectorniveau getoetst door de minister. Niet-georganiseerde werkgevers die onder de reikwijdte van een verplichtstelling vallen of dreigen te vallen, kunnen tijdens het besluitvormingsproces wel een zienswijze indienen, maar zodra het besluit is genomen, geldt de verplichting ook voor hen.

De Hoge Raad volgde bij zijn beoordeling de conclusie van de advocaat-generaal. Voor Medux had de uitspraak een aanzienlijk financieel gevolg: het bedrijf moest alsnog bijdragen aan het bedrijfstakpensioenfonds over de jaren 2014–2021. De geschatte gemiste premie bedroeg circa 40 miljoen euro.

Belang voor de praktijk

De uitspraak maakt duidelijk dat de verplichtstelling van een bedrijfstakpensioenfonds ruim kan worden uitgelegd. Ook bedrijven die niet onder een cao vallen en geen lid zijn van een brancheorganisatie, kunnen verplicht worden aangesloten. Voor werkgevers is het daarom essentieel om hun positie zorgvuldig te beoordelen en met enige regelmaat een werkingssfeeronderzoek uit te voeren. 

Heeft u vragen over dit blog of wilt u weten wat deze uitspraak betekent voor uw specifieke situatie, dan kunt u vanzelfsprekend contact met ons opnemen via 0495-536138 of info@abenslag.nl.

Rowen Vaessen

Rowen heeft haar bachelor in Rechtsgeleerdheid aan Tilburg Universiteit behaald en aansluitend de master Forensica, Criminologie en Rechtspleging aan Maastricht Universiteit afgerond. Daarnaast heeft zij met succes de masteropleidingen Handels- en Ondernemingsrecht en Privaatrecht voltooid. Rowen is sinds 2024 werkzaam bij Aben & Slag Advocaten als advocaat, waar zij zich hoofzakelijk richt op het arbeidsrecht en het familie- en erfrecht.

Nieuws categorieën