Dienstenrichtlijn en de betekenis voor het MKB

De Europese Dienstenrichtlijn is alweer enige tijd onder ons. Recente juridische ontwikkelingen maken dat de relevantie van deze richtlijn voor met name het MKB toeneemt. Wij bespreken de meest relevante aspecten.

Dienstenrichtlijn

De Dienstenrichtlijn – die dateert uit 2006 – heeft tot doel de uitoefening van het vrij verkeer van diensten en de vrijheid van vestiging van dienstverrichters te vergemakkelijken. EU-lidstaten zijn zodoende verplicht om belemmeringen ten nadele van dienstverrichters te verwijderen. Dit speelt met name in het bestuursrecht. Daarnaast bevat de Dienstenrichtlijn een civielrechtelijke component. De Dienstenrichtlijn legt aan dienstverrichters een informatieplicht op ten gunste van de afnemers van diensten.

De Dienstenrichtlijn is voor wat betreft deze aspecten door de Nederlandse wetgever geïmplementeerd in de artikelen 6:230a tot en met 6:230f BW. Artikel 6:230b BW legt aan dienstverrichter een groot aantal informatieplichten op. Dit varieert van meer algemene gegevens omtrent rechtsvorm en plaats van vestiging, tot de verplichting om duidelijk te maken waar een klacht omtrent de dienstverlening kan worden ingediend en daarop zo snel mogelijk te reageren en een bevredigende oplossing te vinden (artikel 6:230a aanhef en onder sub 12 BW).

De dienstverrichter is vrij in de wijze waarop hij invulling geeft aan de informatieplichten. Artikel 6:230c BW bepaalt in dit verband:

“De in artikel 230b bedoelde informatie, naar keuze van de dienstverrichter, bedoeld in artikel 230b, aanhef:

1. wordt op eigen initiatief door de dienstverrichter verstrekt;

2. is voor de afnemer gemakkelijk toegankelijk op de plaats waar de dienst wordt verricht of de overeenkomst wordt gesloten;

3. is voor de afnemer gemakkelijk elektronisch toegankelijk op een door de dienstverrichter meegedeeld adres;

4. is opgenomen in alle door de dienstverrichter aan de afnemer verstrekte documenten waarin deze diensten in detail worden beschreven.”

Artikel 6:230e BW bepaalt verder dat de informatie die de dienstverrichter dient te verschaffen correct, helder en ondubbelzinnig is en dat deze informatie wordt verstrekt voorafgaand aan het sluiten van een schriftelijke overeenkomst. Als er geen schriftelijke overeenkomst wordt opgemaakt dan dient de informatie medegedeeld of beschikbaar te worden gesteld voorafgaand aan de verrichting van de dienst.

Wie kwalificeert als dienstverrichter?

De belangrijke vraag dient zich dan aan wie als dienstverrichter kwalificeert. Het begrip “dienst” is een zeer breed begrip. Dit dient te worden uitgelegd aan de hand van Europees recht. Het betreft hier “dienstverrichtingen die gewoonlijk tegen vergoeding geschieden” waarbij het dan onder meer betreft werkzaamheden van commerciële aard. De Dienstenrichtlijn noemt als voorbeelden diensten die zowel aan bedrijven als particulieren worden verleend, zoals juridische of fiscale bijstand, diensten in de vastgoedsector, zoals makelaarsdiensten, of de bouwsector, met inbegrip van diensten van architecten, de distributiehandel, organisatie van beurzen, autoverhuur en reisbureaus. In elk geval vallen niet onder de werkingssfeer van de Dienstenrichtlijn diensten van algemeen economisch belang, financiële diensten en diensten van notarissen en deurwaarders.

Het Europees Hof van Justitie bepaalde in 2018 in twee zaken dat ook detailhandel in goederen als schoenen en kleding een dienst is. De Hoge Raad besliste in een arrest uit 2023 dat ook een groothandelaar een dienstverrichter is in de zin van de Dienstenrichtlijn. Dat schept niet enkel de verplichting om te voldoen aan de informatieplichten – hetgeen de meeste detail- en groothandelaren zich waarschijnlijk niet realiseren – maar biedt ook een escape voor de nog altijd ervaren moeilijkheden met het van toepassing krijgen en houden van algemene voorwaarden.

Algemene voorwaarden

Specifiek ten aanzien van het gebruik van algemene voorwaarden biedt de Dienstenrichtlijn een lichter regime dan het gebruikelijke regime van terhandstelling zoals dit in beginsel geldt voor algemene voorwaarden (artikel 6:234 BW). Kort en goed is het naar Nederlands recht nog altijd vereist dat algemene voorwaarden ter hand worden gesteld voor dan wel ten tijde van het sluiten van de overeenkomst. Doet de gebruiker van algemene voorwaarden dit niet, dan kan de wederpartij een beroep doen op vernietiging van de gehele set algemene voorwaarden en zijn deze algemene voorwaarden dus niet van toepassing. Voor de gebruiker vaak een pijnlijke constatering nu in de algemene voorwaarden doorgaans een groot aantal voor de gebruiker voordelige bepalingen zijn opgenomen zoals verkorte klacht- en vervaltermijnen en beperkingen van garantie- en aansprakelijkheid.

Artikel 6:234 lid 1 BW verwijst echter naar artikel 6:230c BW als alternatieve wijze van terhandstelling van algemene voorwaarden voor de gebruiker die kwalificeert als dienstverrichter. De dienstverrichter is conform artikel 6:230b aanhef en onder sub 6 BW verplicht om de afnemer te informeren over het feit dat hij gebruik maakt van algemene voorwaarden, maar de wijze waarop de afnemer geïnformeerd dient te worden is vele malen soepeler via artikel 6:230c BW. Via sub 2 van dit artikel kan bijvoorbeeld volstaan worden met een fysiek exemplaar op de balie. Via sub 3 kan volstaan worden met een hyperlink naar algemene voorwaarden. Bepalend is dat de algemene voorwaarden vindbaar zijn voor de afnemer. Het is nog onduidelijk of de hyperlink direct moet leiden naar de algemene voorwaarden of dat ook volstaan kan worden met een verwijzing naar een algemeen websiteadres alwaar met enig zoekwerk de algemene voorwaarden te vinden zijn. Europese rechtspraak ten aanzien van forumkeuzebedingen lijkt te tenderen naar het laatste. De Hoge Raad heeft zich ten aanzien van dit punt nog niet expliciet uitgelaten, maar spreekt in het arrest van 2023 naar een verwijzing “op of via een website”. Indien de algemene voorwaarden zonder noemenswaardige inspanning aldaar vindbaar zijn, moet worden aangenomen dat de algemene voorwaarden gemakkelijk elektronisch toegankelijk zijn, aldus de Hoge Raad.

Conclusie

Het toepassingsbereik van de Dienstenrichtlijn dijt steeds verder uit. Dit betekent niet alleen dat voor een groter deel van het MKB de informatieplichten gaan gelden, maar ook dat het eenvoudiger wordt algemene voorwaarden te gebruiken omdat niet langer de strikte eisen gelden van artikel 6:234 BW. Juridisch gezien lijkt het in elk geval te lonen dienstverrichter te zijn.

Heeft u vragen over dit blog of wilt u weten wat deze informatie betekent voor uw specifieke situatie, dan kunt u vanzelfsprekend contact met ons opnemen via 0495-536138 of mrooijen@abenslag.nl.

Marc Rooijen

Marc Rooijen voltooide de Master opleidingen Civiel recht en Togamaster aan de Universiteit Maastricht. Met ingang van 1 september 2009 is Marc in dienst bij Aben & Slag Advocaten. Hij houdt zich in hoofdzaak bezig met het procederen voor en het adviseren van commerciële partijen en overheden.

Nieuws categorieën